Wat onderzoek ons echt vertelt

Er zijn maar weinig mensen die kurkuma nog niet hebben gebruikt als specerij bij het koken of als supplement in de vorm van curcumine. Curcumine is de belangrijkste en best bestudeerde curcuminoïde (polyfenolen, van nature aanwezige plantaardige stoffen) in kurkuma. Kurkuma is een bloeiende plant uit de gemberfamilie met de Latijnse naam Curcuma longa. De felgele specerij wordt al eeuwenlang in Azië gebruikt (als ingrediënt bij het koken; een hoofdingrediënt in Zuid-Aziatische curry’s, en als kruidengeneesmiddel) en is recentelijk ook door het Westen omarmd. Kurkuma heeft een indrukwekkende lijst gezondheidsvoordelen en het is waarschijnlijk de meest bestudeerde specerij ter wereld, met name vanwege curcumine.

Kurkuma, curcumine en onderzoek

Ondanks het wijdverspreide gebruik in alternatieve geneeswijzen door de eeuwen heen, blijkt uit onderzoeken dat deze in vet oplosbare stof slecht door het lichaam wordt opgenomen. Curcumine heeft vooral op de darmen een therapeutische werking. In kurkuma zit ongeveer 3% curcumine. Daarom is de werkelijk ingenomen en opgenomen dosis curcumine uit kurkuma minuscuul. Aanvulling met curcumine-extract geniet de voorkeur om de hoeveelheid te verhogen die het lichaam kan opnemen en gebruiken. Uit nader onderzoek is echter gebleken dat dit nog steeds niet genoeg is voor een afdoende therapeutisch werking, zelfs niet in hoge doses, omdat curcumine wordt gezien als lichaamsvreemde stof en snel wordt geglucuronideerd (gebonden aan een lichaamseigen stof). Glucuronidering is een van de belangrijkste reacties voor eliminatie van (vaak giftige) lichaamsvreemde stoffen uit het lichaam. Dit proces maakt de lichaamsvreemde stof in water oplosbaar en daardoor onschadelijk en eenvoudig om uit te scheiden.(1)

Decennialang werd aanbevolen om curcumine-extract te mengen met piperine om de opname in de darmen te verhogen.(2) Ook hiervan is uit vele onderzoeken gebleken dat het de plasmagehaltes (de hoeveelheden vrije curcumine in de bloedbaan) niet verhoogt. Hoe sneller curcumine namelijk wordt opgenomen, hoe sneller het wordt geglucuronideerd. Naar schatting wordt slechts 2% van de curcumine opgenomen door het lichaam. Dat is mogelijk niet genoeg voor een therapeutische werking.(3) Na decennia aan onderzoeken naar het verhogen van de opname van curcumine hebben we ontdekt dat binding van curcumine aan vetten de opname en retentie verhoogt van curcumine in vrije vorm – het molecuul dat het lichaam herkent en gebruikt. Verschillende bedrijven gebruiken verschillende gepatenteerde versies van in vet oplosbare curcumine. Zij claimen een verhoogde opname en verlengde biologische beschikbaarheid omdat de curcumine niet wordt opgenomen door het darmslijmvlies en daarom niet wordt geglucuronideerd, maar wordt omgeleid naar het lymfestelsel en op dezelfde manier wordt opgenomen als in vet oplosbare vitamines.

Ondanks de beste inspanningen is de opname van curcumine nog steeds verre van optimaal en kunnen grote intercollegiaal getoetste onderzoeken nog steeds niet precies aangeven wat de werkelijke opnamesnelheid en concentratie curcumine in de bloedsomloop is. Het is duidelijk dat het effect van curcumine op het lichaam langer aanhoudt als het lichaam langer hoge gehaltes vrije curcumine kan vasthouden.

Waarom is onderzoek naar curcumine belangrijk?

De biologische activiteit van curcumine is goed onderzocht en curcumine vertoont anti-oxiderende, ontstekingsremmende, antimicrobiële en antivirale activiteit. De mogelijk kankerremmende werking is het meest beschreven effect waar nog verder onderzoek naar wordt gedaan. Van curcumine is gemeld dat het groeifactoren, enzymen, transcriptiefactoren en inflammatoire cytokines moduleert en eiwitten die betrokken zijn bij het apoptotische proces (geprogrammeerde celdood) reguleert.(4) Kankercellen kunnen apoptose omzeilen en zo aan het 4 immuunsysteem ontsnappen.

De therapeutische voordelen van curcumine zijn aangetoond voor meerdere chronische ontstekingsziekten waaronder artritis, metabool syndroom, leverziekte, obesitas en neurodegeneratieve aandoeningen. Meer dan een derde van alle onderzoeken heeft echter betrekking op kanker, omdat er genoeg bewijs is dat ontregeling van de ontstekingsroutes een sleutelrol speelt bij de ontwikkeling van kanker.(5) Omdat curcumine inwerkt op verschillende immunmediatoren en ontstekingsprocessen aanpakt5 , wordt aangenomen dat het kankerremmende eigenschappen bevat.(6,7,8,9,10)

Klinisch gebruik van curcumine is nog steeds aan onderzoek onderhevig. Tot nu toe lijkt het erop dat een lage concentratie vrije curcumine nog steeds een therapeutische werking kan hebben, vooral op de regressie van tumoren, ondanks het feit dat er zeer weinig vrije curcumine in de bloedbaan aanwezig is en wordt opgenomen. Curcumine zou dan naast chemotherapie en radiotherapie kunnen worden ingezet. Curcumine vertoont met name cytostatische en cytotoxische effecten bij tumoren op verschillende plaatsen en is een opvallende immunomodulator.(11) Uit een uitgebreide systematische beoordeling is ook gebleken dat curcumine de bijwerkingen van chemotherapie of radiotherapie verlicht, waardoor patiënten een betere kwaliteit van leven krijgen.(12)

In vitro en in vivo: wat is het verschil?

Het is belangrijk om aan te geven dat het meeste bewijs voor de therapeutische werking van curcumine voornamelijk gebaseerd is op in vitro onderzoeken (buiten levend weefsel, d.w.z. in een petrischaaltje). Wat kanker betreft is uit in vitro onderzoeken gebleken dat kankercellen niet sterven tenzij ze een paar uur lang worden blootgesteld aan hoge concentraties curcumine. Deze concentraties worden niet bereikt buiten het maag-darmstelsel als curcumine oraal wordt ingenomen.(13) Deze conclusie kan zeer waardevol zijn tegen darmkanker, vooral vanwege remming van angiogenese (de ontwikkeling van nieuwe bloedvaten).(14)

Het aantal in vivo onderzoeken neemt toe en de onderzoeken laten veelbelovende resultaten zien. Er wordt geopperd dat injectie van een in water oplosbare vorm van curcumine een doelgericht effect kan hebben op de darmen, vooral als onderdeel van een behandeling voor darmkanker – de op twee na meest voorkomende oorzaak van kankergerelateerde sterfte ter wereld – en zonder toxiciteit.(15) De toepassing van curcumine lijkt eindeloos. Nieuwe onderzoeken kunnen mogelijk leiden tot informatie over nieuwe werkingsmechanismen op het lichaam en verder therapeutisch gebruik van curcumine.

Welke vorm van curcumine moet ik als supplement gebruiken?

Het is duidelijk dat geen twee supplementen hetzelfde zijn, en dat geldt zeker voor curcumine. Kurkuma als specerij, thee of basis voor supplementen bevat zeer weinig curcumine die bovendien slecht geabsorbeerd wordt. Het is nog steeds belangrijk om kurkuma als voedingsmiddel in te nemen, omdat het lokaal wel positieve effecten heeft voor de darmen. Kurkuma kan bijvoorbeeld helpen om ontstekingsziekten te verzachten, zoals inflammatoire darmziekten (IBD) en colitis ulcerosa. Het effect is echter sterk afhankelijk van de zuiverheid van het voedingsmiddel of supplement, omdat het bij verwerking kan worden beschadigd en het risico op gevoeligheid toeneemt naarmate er meer hulpstoffen worden toegevoegd. Dat betekent dat sommige supplementen dezelfde symptomen kunnen opwekken als waartegen ze bedoeld zijn. Daarom is het van groot belang om uw curcuminesupplementen zorgvuldig uit te kiezen. Kies alleen voor supplementen van vertrouwde bronnen. Kies voor supplementen die zo puur mogelijk zijn (zonder toevoegingen en conserveringsmiddelen). Er moet ook aandacht besteed worden aan de toepassing, en daarom is het van essentieel belang om de juiste vorm (of moleculaire structuur) te kiezen. Kurkuma als specerij, thee of supplement kan bijvoorbeeld worden gebruikt om darmproblemen te verhelpen, maar een vorm van curcumine gebonden aan een vetmolecuul of beschermd in een vetcapsule (om de opname en concentratie vrije curcumine in het bloed te verhogen) kan worden gebruikt voor de anti-inflammatoire voordelen en antioxiderende eigenschappen of om cholesterol verlagen en dyslipidemie – een grote risicofactor voor cardiovasculaire aandoeningen en veelvoorkomend bij obesitas – aan te pakken.(16,17,18)

Raadpleeg altijd uw arts om er zeker van te zijn dat u het juiste supplement hebt en dit correct gebruikt.

Bron:

1: Sanchez, O. (2020). Curcumin: Is it ALL a LIE??? Available at: https://www.nutrunity.com/updates/curcumin. Last accessed: 20 Apr. 2020. 1

2: Shoba, G. et al. (1998). Influence of piperine on the pharmacokinetics of curcumin in animals and human volunteers. Planta Medica. 64(4), pp. 353– 356. doi:10.1055/s-2006-957450. PMID: 9619120

3: Kunati, SR. et al. (2018). An LC-MS/MS method for simultaneous determination of curcumin, curcumin glucuronide and curcumin sulfate in a 3 phase II clinical trial. Journal of Pharmaceutical & Biomedical Analysis. 15, pp. 156:189–198. doi:10.1016/j.jpba.2018.04.034

4: Giordano, A. Tommonaro, G. (2019). Curcumin and Cancer. Nutrients. 11(10): 2376. doi:10.3390/nu11102376

5: Mantovani A. (2010). Molecular pathways linking inflammation and cancer. Current Molecular Medicine. 10(4), pp. 369–373. 5 doi:10.2174/156652410791316968

6: Pandey, A. et al. (2015). Berberine and curcumin target survivin and STAT3 in gastric cancer cells and synergize actions of standard 6 chemotherapeutic 5-fluorouracil. Nutrition & Cancer. 67(8), pp. 1293–1304. doi:10.1080/01635581.2015.1085581

7: Pandey, A. et al. (2015). Berberine and curcumin target survivin and STAT3 in gastric cancer cells and synergize actions of standard 6 chemotherapeutic 5-fluorouracil. Nutrition & Cancer. 67(8), pp. 1293–1304. doi:10.1080/01635581.2015.1085581

8: Shanmugam, MK. et al. (2015). The multifaceted role of curcumin in cancer prevention and treatment. Molecules. 20(2), pp. 2728–2769. doi:10.3390/ 7 molecules20022728

9: Starok, M. et al. (2015). EGFR Inhibition by curcumin in cancer cells: A dual mode of action. Biomacromolecules. 16(5), pp.1634–42. doi:10.1021/ 9 acs.biomac.5b00229

10: Chen, B. et al. (2014). Curcumin inhibits proliferation of breast cancer cells through Nrf2-mediated down-regulation of Fen1 expression. The Journal 10 of Steroid Biochemistry & Molecular Biology. 143, pp. 11-18. doi:10.1016/j.jsbmb.2014.01.009

11: Varalakshmi, Ch. et al. (2008). Immunomodulatory effects of curcumin: In-vivo. International Immunopharmacology. 8(5), pp. 688–700. doi:10.1016/ 11 j.intimp.2008.01.008

12: Mansouri, K.. et al. (2020). Clinical effects of curcumin in enhancing cancer therapy: A systematic review. BMC Cancer. 20, 791. doi:10.1186/ 12 s12885-020-07256-8

13: Burgos-Morón, E. et al. (2010). The dark side of curcumin. International Journal of Cancer. 126, pp. 1771–1775

14: Arbiser, JL. et al. (1998). Curcumin is an in vivo inhibitor of angiogenesis. Molecular Medicine . 4, pp. 376–383. doi:10.1007/BF03401744

15: Ozawa-Umeta, H. et al. (2020). Curcumin β-D-glucuronide exhibits anti-tumor effect on oxaliplatin-resistant colon cancer with less toxicity in 15 vivo. Cancer Science. 111, pp. 1785–1793. doi:10.1111/cas.14383

16: Alwi, I. et al. (2008). The effect of curcumin on lipid level in patients with acute coronary syndrome. Acta Medica Indonesia. 40(4), pp. 201-210. 16

17: Ferguson, JJA. et al. (2018). Curcumin potentiates cholesterol-lowering effects of phytosterols in hypercholesterolaemic individuals. A randomised 17 controlled trial. Metabolism. 82, pp. 22–35. doi:10.1016/j.metabol.2017.12.009

18: Mohammadi, A. et al. (2013). Effects of supplementation with curcuminoids on dyslipidemia in obese patients: a randomized crossover trial. 18 Phytotherapy Research : PTR. 27(3), pp. 374-379. doi:10.1002/ptr.4715